We hebben de kinderen uitgelegd hoe het zat met de zomertijd, langer licht ’s avonds en ’s morgens iets later licht.
We lieten ze zien hoe dat dan moest met de klok; we draaiden de klok van kwart over zeven naar kwart over acht waar Hannah en Mirjam bij stonden te kijken.
Mirjam dacht even na, keek ons ernstig aan en vroeg; “mama, laten we wel een klok goed staan?”
Na weken door storm en regen, en soms ook door zonneschijn, richting het zwembad te zijn getrokken hebben we woensdag deze periode afgesloten. Ik nog meer opgelucht dan de kinderen blij!!
Eind 2006 begon het heen en weer fietsen; eerst naar Kardinge, later helemaal naar de Parrel. Eerst 1 keer per week en sinds eind 2007 3 x in de week. Eerst alleen maar op de fiets, later steeds vaker met de auto.
Hannah heeft nu A en B, ze zal op school haar C halen.
Mirjam heeft haar A diploma en hopelijk haalt ze haar B diploma voordat Daniel begint met A!
we zijn er nog niet maar het was een grote stap in de goede richting. Feest dus!!
Gister riep ik Daniel:
“Daniel, kom je eten?”
waarmee ik eigenlijk bedoelde; Daniel ik ben klaar met eten koken, ik wil dat je naar binnen komt, want we gaan eten. Ik was dan ook niet voorbereid op zijn reactie:
“mmm, wat eten we dan?” (Terwijl hij vrolijk verder speelde)
[we aten spruitjes, wat hem niet echt kon overtuigen]
Daniel moest vanmorgen zijn sjaal om. Deze was natuurlijk nergens te vinden.
Uiteindelijk vonden we een sjaal die best jongensachtig was, in elk geval niet rose en fluffig. Deze werd het. Daniel vond het maar niks, wilde hem niet om, maar het moest toch.
Toen ik hem vertelde dat de sjaal op school weer af mocht, ging hij akkoord. (natuurlijk waren we laat en hadden we haast tijdens deze discussie)
We fietsten naar school, we kwamen bij school aan, fietsten richting het hek… achter ons vormde zich al een rij van kinderen, ook onderweg naar school.
Bij het smalle hek, waar iedereen een voor een doorheen moet, ging Daniel op de rem;
achter hem moedigde ik hem aan, toe maar Daniel, doorlopen, je fiets weg gaan brengen naar het fietsenrek… Hij deed geen stap terwijl de rij achter ons langzaam groeide.
Ik probeerde het nog een keer; toe maar, loop nou door!
hij keek boos om; “eerst mijn sjaal af!”
(zo lelijk was de sjaal dus echt niet hoor!)